Intra-ossale bloedafname
Naam / omschijving
Intra-ossale bloedafname
Zie
Monstermateriaal
Afnamemateriaal
Hoeveelheid
> 70µl (indien ABL90 FLEX)
Afname informatie
Onmiddellijk na afname naar het laboratorium brengen. Bepaald kunnen worden: Hb, Na, Ureum, Kreat, Chloor, pH, pCO2 en CRP.
Parameters die wel bepaald kunnen worden, maar met terughoudendheid te interpreteren: glucose, calcium en totaal eiwit.
Niet te bepalen: kalium, leucocyten en trombocyten.
Bloed afnemen voor toedienen van medicatie of infuusvloeistof.
Bij twijfel over analyse of geschiktheid van materiaal; overleg met Klinisch Chemicus Specialist Laboratoriumgeneeskunde
Referentiewaarden
Volwassenen
Opmerking
Beoordelen aan de hand van referentiewaarden voor een capillaire afname.
Kinderen
Opmerking
Beoordelen aan de hand van referentiewaarden voor een capillaire afname.
Doorbelgrenzen
Uitvoerende instelling
Contactpersoon
Vakanalist, Klinisch Chemicus Specialist Laboratoriumgeneeskunde
Volume
LIMS-code
Monstervoorbewerking
De eerste 2 ml afgenomen bloed kan niet gebruikt worden i.v.m. interferentie door weefselvloeistof.
Bloed afnemen voor toedienen van medicatie of infuusvloeistof.
Bloed afnemen voor toedienen van medicatie of infuusvloeistof.
Houdbaarheid
Nabepalen binnen
Niet na te bepalen
Cito-afhandeling
Voor cito-afdeling
Wordt direct bepaald
Voor gewone afdeling
Wordt direct bepaald
Opmerking
Bloed kan niet geanalyseerd worden indien materiaal ongeschikt is (subjectief te beoordelen: vet, botsplinters, stolsels, hemolyse)
Frequentie
Transportcondities binnen de regio
Transportcondities buiten de regio
NB
Zie ook SOP: 'Bloedafname Intra-ossaal'
Literatuur
Verzending
Declaratiecode
NZA-tariefcode